Constructieve journalistiek, ‘wat nu?’

Constructieve journalistiek

Nepnieuws is van alle tijden, meldde de Volkskrant begin deze week in een interview met Peter Burger en Alexander Pleijter van de Universiteit van Leiden. Zij controleren feiten. En daar hebben ze een dagtaak aan, hoewel er volgens de ‘fact-checkers’ nauwelijks nepnieuws is. “Nederland is te klein om geld te verdienen aan onzin, stelt Pleijter. “Ik zie bijna nooit nepnieuws in mijn timelines.” Burger noemt nepnieuws een mediahype.

Toch ligt Facebook onder vuur nu er steeds vaker berichten verschijnen die als nepnieuws worden aangeduid. Daarom schakelt de internetgigant ‘fact-checkers’ die de inhoud van de berichten op juistheid moeten controleren. Net als Facebook kampt de zoekmachine van Google met de betrouwbaarheid van de resultaten van een zoek- en vindactie. Daarom vermeldt het bedrijf voortaan de bron van de informatie. Daar staat ook bij hoe betrouwbaar die bron is.

Toekomst van de nieuwsmedia

Naast alle ophef over alternatieve feiten en de betrouwbaarheid van de berichten houdt de toekomst van de journalistiek de media bezig. Hoe blijft de kwaliteit van het journalistieke werk gegarandeerd, welke verdienmodellen kunnen voor de uitgevers het tij keren en hoe kunnen technische mogelijkheden worden benut?

Parallel aan deze gedachtewisselingen is er ruimte voor inhoudelijke vernieuwing van de journalistiek. Belangrijke vraag daarbij is hoe de hedendaagse journalist zich kan onderscheiden. Iedereen is immers publicist geworden en kan op elk gewenst moment een bericht de wereld in sturen. Betrouwbaar of niet.

Kansen voor constructieve journalistiek

Constructieve journalistiek (cojo) is de nieuwste loot aan de stam van de vrije nieuwsgaring. In Amerika zetten onder andere The Constructive Journalism Project en Solutions Journalism Network zich in om constructieve journalistiek als genre onder de aandacht van redacties te brengen. In Nederland  biedt Hogeschool Windesheim studenten de mogelijkheid zich te verdiepen in constructieve journalistiek. Daarbij zoekt het instituut naar de mogelijkheden en kansen van dit concept zonder daarbij de valkuilen uit het oog te verliezen.

Traditioneel richten journalisten zich op het beantwoorden van vragen als wie, wat, wanneer, waar en waarom. In de visie van Windesheim en andere steunpilaren van constructieve journalistiek moet daar een zesde ‘w’ aan worden toegevoegd: het antwoord op de vraag ‘wat nu?’.

Kritiek als middel

Journalisten moeten niet stoppen bij het signaleren van problemen en het beantwoorden van de schuldvraag. Zij moeten een discussie op gang brengen over mogelijke oplossingen. Volgens de nieuwe stroming zouden journalisten zich meer moeten richten op hetgeen zou kunnen werken en minder op zaken die niet functioneren.

Mag er dan alleen maar kritiekloos goed nieuws worden gebracht? Nee, de constructieve journalistiek onderschrijft de basisprincipes van kwaliteitsjournalistiek, zoals waarheidsvinding, het controleren van de macht, hoor en wederhoor, en kritische analyse. Maar het gaat verder dan het blootleggen van problemen, dilemma’s en misstanden. Kritiek wordt gezien als middel en niet als doel. Constructieve journalistiek probeert het publiek te betrekken en uit te nodigen tot nadenken over oplossingen.

Journalist, dominee of therapeut

Het lijkt een aantrekkelijk concept. Optimisme en een positieve kijk op de wereld gaan hand in hand. Toch is niet iedereen even enthousiast over constructieve journalistiek. Zo publiceerde Jan van Groesen, voorzitter van Stichting Media-Ombudsman Nederland, onlangs een lang artikel op www.denieuwereporter.nl. Constructieve journalistiek maakt volgens hem van de journalist een dominee of therapeut.

Onafhankelijke kritische journalist

Constructieve journalistiek is door de journalistenopleiding van Hogeschool Windesheim in Zwolle verheven tot het speerpunt van de opleiding, schrijft Van Groesen. Dit biedt volgens hem nieuwe kansen voor de dominee, maar het gaat wel ten koste van de onafhankelijke kritische journalist. Die moet, vindt Van Groesen, berichten over wat hij observeert zonder zich eerst af te vragen of het om iets positiefs of negatiefs gaat.

Onderscheiden en legitimeren

Zoals van een journalistieke opleiding mag worden verwacht, liet de hogeschool het er niet bij zitten. In een reactie op het artikel van Van Groesen schrijft Windesheim: “Wij willen samen met de vakbroeders nadenken over de vraag hoe journalistiek zich kan onderscheiden en legitimeren, nu iedereen zender is geworden en journalisten in toenemende mate worden gewantrouwd. Naast financiële en technologische innovatie is inhoudelijke vernieuwing hoogst noodzakelijk om de legitimering van het vak van de journalistiek voor de toekomst te borgen.”

Op zoek naar de waarheid

De selectie van argumenten van Van Groesen is gebaseerd op onjuiste aannames rondom de opleiding Journalistiek van Windesheim. Daarom nodigde de hogeschool hem uit voor een constructief bezoek, zodat hij zich als een waar journalist kon informeren. Of Van Groesen inderdaad naar Zwolle is afgereisd om de feiten te checken heb ik nog niet kunnen achterhalen.

Kijk ook op www.constructievejournalistiek.nl.

Geplaatst in schrijfnieuws en getagd met .

Dagelijks ben ik in de weer met taal en tekst en houd ik koers in de dynamische wereld van de hedendaagse media. Ik blog, schrijf en redigeer teksten en verzorg journalistieke producties. Tijdens mijn schrijfworkshops en -presentaties draag ik mijn kennis over. Anderen leren betere teksten te schrijven geeft me voldoening. Vooral als de auteurs meer plezier krijgen in het schrijven.

Geef een reactie