‘Kleinzoon Flip de Kikker begint voor zichzelf’

Zo luidde de advertentie waarmee Leen van Dijk 35 jaar geleden de basis legde voor zijn familiebedrijf.

Leen van Dijk wil in de voetsporen van zijn grootvader treden, maar zodra hij de zaak kan overnemen, komt er een kink in de kabel. Dan begint hij maar voor zichzelf. Nog steeds zwaait hij de scepter over L. van Dijk, oud papier en metalen, een echt familiebedrijf.

Leen van Dijk (groene trui) temidden van zijn vrouw en kinderen (foto Pauw Media).
Leen van Dijk (groene trui) temidden van zijn vrouw en kinderen (foto Pauw Media).

Zodra ik bij L. van Dijk, oud papier en metalen in Barneveld, binnenstap merk ik al dat aan de sfeer bij het bedrijf niets mankeert. Leen van Dijk (62) is in de kleine bedrijfskantine in gesprek met enkele relaties en de kwinkslagen zijn niet van de lucht. Als zijn gasten zijn vertrokken gaan we, met een beker warme chocolademelk in de hand naar het aangrenzende kantoor. Niet een plek waar Leen met regelmaat is te vinden, want aan een bureau achter een computer zitten is niets voor hem. “Ik kan het niet, heb er geen verstand van en wil het ook niet leren.”

Wie daaruit de conclusie trekt dat Leen zich niet met de bedrijfsvoering bemoeit, heeft het mis, want hij weet precies wat er in zijn zaak omgaat. Elke maandagochtend is er ‘directie-overleg’. Dan praten zijn zoon Patrick en zijn vrouw Marianne hem bij over de stand van zaken. Aan het einde van de week, als hij er zaterdagsmiddags een punt achter zet, wil hij dat alle rekeningen zijn betaald. “Als ik de deur dicht doe en naar huis ga, moet alles wat hier ligt van mij zijn”, benadrukt hij.

Gereed voor hergebruik

Afgedankte metalen en oud papier. Daar draait het bij zijn bedrijf om. Per week gaan het om zo’n 150 ton papier dat afkomstig is van bedrijven en van de gemeente. Dat wordt gesorteerd en gereed gemaakt voor hergebruik. “Vroeger had je wel veertig verschillende soorten papier. Nu zijn het er nog hooguit drie tot vier. Bovendien is veel digitaal en dat levert minder papier op. Wel krijgen we nu grotere hoeveelheden verpakkingsmateriaal dan in het verleden. Logisch, want het aantal pakjes dat wordt verstuurd is tegenwoordig een stuk groter.”

Vooral veel lachen

“Eigenlijk doe ik alles hier, behalve op kantoor zitten”, vervolgt hij lachend als we terugkijken op de geschiedenis van het familiebedrijf. Bij voorkeur zit hij op de vrachtwagen om materialen op te halen en weg te brengen. Wat kletsen hier en daar en een beetje handelen, dat doet Leen het liefst. En vooral veel lachen, blijkt als hij herinneringen ophaalt aan de tijd dat zijn opa begon met het bedrijf.

“Kan ik de politie even bellen?”

Naast papier vormen oude metalen de andere pijler van zijn zaak. Vooral koper is waardevol en regelmatig verschijnen er lieden op het terrein die een partij aanbieden. Als Leen het niet vertrouwt, heeft hij een eenvoudige, maar afdoende manier gevonden om kwaadwillenden te ontmoedigen. “Koper is handel en er wordt veel gejat. Als hier iemand komt met een partij koper dan vraag ik altijd of het een probleem is als ik de politie even bel om te checken of het wel zuivere koffie is. Dan zijn die lui zo weg. Weet je, dat praat zich ook door, want ze weten dat ze hier hier niet moeten zijn. Ik moet geen dieven op de dam.”

Vuur en warm water

Terug naar de oorsprong van het bedrijf. Zelf heeft hij zijn opa, de grondlegger van de onderneming niet gekend, maar van zijn ooms hoorde Leen vermakelijke verhalen. “Opa had een vuurwinkel in Amersfoort. Elke dag bracht hij brandhout en warm water rond. Ook haalde hij vodden op. En dode dieren. Daar zat hij ook niet mee.”

Dan komen de smakelijke verhalen los. Hoewel, als Leen vertelt over het dode varken waar zijn grootvader handel in zag… “Opa ontdekte tijdens zijn rondgang door Putten, waar hij naartoe was verhuisd, een half begraven varken. Van de boer mocht hij het kadaver meenemen. Eerst gaf hij een stuk aan een zwerver. Als die bleef leven, durfden hij het wel door te verkopen. Dat deed hij ook en zo kwam het bij een restaurant terecht.”

Dat Leens opa een markante man was, wordt snel duidelijk. Talrijke anekdotes komen boven drijven en Leen kan vol humor over zijn grootvader vertellen. “Kort voor de oorlog kwam mijn opa naar Barneveld. Hij woonde toen bij de vuilnisbelt. Later gingen we daar voetballen, maar dan moesten we eerst het hele terrein aflopen om stukken glas op te ruimen anders had je bij de eerste sliding een snee in je been.”

Flip de Kikker

Al snel na zijn komst naar het dorp werd opa Van Dijk een bekend figuur. Met zijn hondenkar ging hij langs de huizen om lompen en oud ijzer op te halen. Ook duurde het niet lang voordat hij zijn bijnaam kreeg. “Dat kwam toen mijn opa in een sloot viste terwijl hij tot zijn middel in het water stond. Die boer zei dat hij wel een kikker leek. Volgens zeggen noemde die boer hem toen ‘Flip de Kikker’. Die bijnaam is hij nooit meer kwijt geraakt.”

Na de oorlog nam oom Gijs de zaak over. In die jaren was hij vooruitstrevende ondernemer, want volgens Leen was hij de tweede in Barneveld die beschikte over een vorkheftruck. “Stel je voor, toen moesten ze met een bijl een auto slopen. Ook het papier en de lompen moesten ze zonder persen bundelen. Balen van 400 kilo op een vrachtwagen laden. Alles met de hand. Vertegenwoordigers kwamen met de trein naar Barneveld om naar de handel te kijken voordat ze het kochten. Moet je nu eens mee aan komen.”

“Leren is geen hobby van me”

Oom Gijs breidde de zaak uit, maar hij ging volgens Leen niet met zijn tijd mee. Zelf ging Leen al op 14-jarige leeftijd van school. “Leren is geen hobby van me. Ik kwam bij Struik terecht. Dat was de beste betaalde baan die ik toen kon krijgen. Daarna ben ik naar verenfabriek De Vries gegaan. Donzen dekbedden en kussens maken.” In die periode begon hij ook een beetje te handelen in afgedankte spullen. “Ik kocht wat van ome Gijs en dat verkocht ik dat weer.”

Ome Rinus werkte ook in het bedrijf dat als een van de eerste in Barneveld beschikte over een heftruck.
Ome Rinus werkte ook in het bedrijf dat als een van de eerste in Barneveld beschikte over een heftruck.

Begin jaren ’80 besluit ome Gijs te stoppen met zijn bedrijf. Leen ziet wel brood in de handel en wil zaak overnemen. “Bij Helsdingen op de sportschool trainde ik met de zoon van een notaris. Zijn vader heeft me toen geholpen om een plan voor het bedrijf te maken en adviseerde me over de manier waarop ik de zaak van ome Gijs kon overnemen.”

Halve hal huren

Zover komt het echter niet, want ome Gijs laat Leen in de kou staan als blijkt dat hij zonder overleg de zaak heeft verkocht. Voor de ondernemende Leen geen reden om bij de pakken neer te zitten. “Ik zette een kleine advertentie in de Barneveldse Krant. ‘Kleinzoon van Flip de Kikker begint voor zichzelf’. Toen duurde het maar even of ik kreeg de eerste klanten en ik kon mijn spullen opslaan op een terrein in De Glind.”

Nu Leen zijn eigen zaak heeft, gaat het voorspoedig en al snel kan hij zich op de huidige locatie aan de … in Barneveld vestigen. “Eerst heb ik een halve hal gekocht. Later heb ik er een stuk bij kunnen kopen en heb ik ook het huis waar ome Gijs woonde er bij gekocht.”

“Mijn opa moet een gezellige man zijn geweest. Iedereen kende hem en hij had een groot hart. Zwervers bood hij onderdak en als hij iemand kon helpen deed hij dat”, weet Leen. In de liefde was zijn grootvader aanvankelijk wat minder gelukkig. “Zij eerste vrouw had een gat in haar hand en opa wilde van haar af. Toen hij bij een andere vrouw kinderen kreeg, droegen die niet zijn naam, want het koste geld om dat te regelen. Geld uitgeven als hij het niet nodig vond, daar was mijn opa niet van.”

Milieu en veiligheid

Behalve Marianne, zijn vrouw, werken ook Leens zoons in het bedrijf. “Patrick werkt hier op kantoor. Jeffrey zit op de vrachtwagen en verricht allerlei reparaties. Vincent werkt hier op zaterdag en in de vakanties. Dennis, onze pleegzoon ken ik al sinds hij een kind was. Hij rijdt op de kleine bestelwagen. En Robin, de jongste, helpt ook mee in de vakanties en moet hier komen vegen, als hij straf heeft”, somt Leen lachend op.

Gaat dat altijd goed, met vrouw en kinderen een bedrijf runnen? Volgens Leen en Marianne, die inmiddels is aangeschoven, levert het nooit problemen op. Duidelijk is, dat Leen uiteindelijk de knopen doorhakt en de beslissingen neemt. Maar altijd in goed overleg, benadruk hij.

Praat met Leen over de hedendaagse regels en hij aarzelt niet om daar zijn uitgesproken mening over te ventileren. “Als de ene controleur hier binnenstapt, gaat de andere weer weg. Niet zelden spreken ze elkaar ook nog tegen. Voor een klein bedrijf als het onze is het allemaal een stuk duurder dan voor de grotere ondernemingen, want wij betalen voor onze certificaten net zoveel als zij.”

Dat er strakke bepalingen zijn als het gaat om het milieu en de veiligheid vindt Leen vanzelfsprekend. Zelf heeft hij ervaren dat het werk in de wereld van het oud papier en het oud ijzer niet zonder risico is. Zo verloor hij een stuk van de wijsvinger van zijn rechterhand toen hij even snel iets van een lopende band wilde pakken. Ook is hij van een container gevallen. “Toen ben ik een tijd uit de running geweest en moesten Marianne en de jongens de zaak draaiende houden.”

Wandelen over de klompenroutes

Er zijn weinig zaken die Leen ontgaan als hij met zijn werk bezig is, maar dat wil niet zeggen dat hij geen tijd heeft voor andere activiteiten. In zijn jeugd deed hij al veel aan sport, taekwondo bij Helsdingen in Kasteel Schaffelaar bijvoorbeeld, en voetballen. Dat is hij lang blijven doen, maar sinds hij een nieuwe heup heef gekregen moet het het zes rustiger aandoen. Ook vindt hij het heerlijk om met Marianne te wandelen over de Klompenroutes. “En ik heb er geen moeite mee in de zomer met de camper op reis te gaan. Nee hoor, bij ons gaat het echt niet altijd over de zaak. Natuurlijk praten we weleens over het werk als we bij elkaar zijn, maar daar blijft het ook bij.”

Leen is nog niet van plan te stoppen met zijn werk en de zaak over te dragen aan de kinderen. “Dat zal best een keer gebeuren, maar voorlopig blijf ik nog wel even bezig. Ik heb er nog zoveel lol in.” Over dat laatste bestaat geen twijfel, want ons hele gesprek was doorspekt met gebeurtenissen die Leen met gevoel voor humor vertelde.

Begin volgend jaar bestaat zijn bedrijf 35 jaar en dat wil Leen niet ongemerkt voorbij laten gaan. “Eigenlijk werd een eeuw geleden al de basis gelegd voor de zaak. Daarom organiseren we op zaterdagochtend 22 december voor onze klanten een gezellige bijeenkomst met muziek en een frietkraam. Ook kunnen ze een kijkje nemen achter de schermen.” Leen, zijn vrouw en zijn kinderen kijken ernaar uit, want dat feestje is ook een uitgelezen moment om herinneringen op te halen aan ‘Flip de Kikker’.

Familiezaken

Barneveld en omgeving telt tal van bedrijven die vaak al generaties lang in de familie zijn. In de rubriek Familiezaken brengen we deze ondernemingen in beeld. Opa, oma, vader, moeder, kinderen, broers, zussen, neven nichten, ooms en tantes. Samen al jaren aan de slag in hetzelfde bedrijf. Hoe doe je dat? Wilt u het vertellen? Stuur een berichtje naar de redactie (g.jansen@bdu.nl).

Geplaatst in familiezaken, publicaties en getagd met .

Wat is jouw mening?